16 oktober 2012
Niels en Walter Peteri in NRC - 0

Niels en Walter Peteri in NRC

Henri Peteri nam zeven hypotheken op zijn huis en werkte jaren in de kelder aan een kraan waar kokend water uit moest komen. Zijn zoons Niels en Walter runnen nu een miljoenenbedrijf.

Niels Peteri (51) is met zijn broer Walter directeur-eigenaar van Quooker. Hij houdt zich bezig met de productontwikkeling.

,,Op 1 september 1987 is de bv opgericht, dus dat houden we maar aan als oprichtingsdatum. Quooker bestaat officieel 25 jaar. Maar al in 1970 gaf mijn vader zijn baan bij Unilever op om in de kelder van zijn huis in Rotterdam-Kralingen te werken aan de ontwikkeling van een apparaat waar kokend water uit kwam. Hij had zeven hypotheken op het huis, al het familiegeld ging in de ontwikkeling van wat nu de Quooker heet. Het grootste probleem waren de octrooikosten. Een octrooi veronderstelt rendement, maar er was jarenlang gewoon geen omzet. Daarom was mijn vader van tijd tot tijd genoodzaakt om adviesklussen aan te nemen. Soms werd er een exemplaar verkocht aan familie of vrienden. Toen ik in 1985 bij het bedrijf kwam, was er eigenlijk helemaal geen bedrijf, er was alleen een idee. Toen Walter er acht jaar later bij kwam, in 1993, verkochten we vijfhonderd exemplaren. Pas vanaf 2005 is het heel hard gegaan, dat jaar draaiden we bijna 5 miljoen euro omzet. Tot die tijd leefden we heel zuinig: oude auto, geen pensioenopbouw.
,,Ik ben altijd een knutselaar geweest, een uitvinder. Als kleine jongen vond ik de kelder van mijn vader geweldig. Nog steeds heb ik in onze productiehal een afgeschermd stukje waar ik geheime dingen uitprobeer. Elk jaar brengen we een nieuw product op de markt: een verstelbare kraan, de fusionkraan die koud, warm en kokend water geeft, een bijpassende zeeppompje dat met één hand te bedienen is etcetera. De nieuwe ontwikkelingen richten zich op energiezuinigheid, waterzuivering en ontwerpverfraaiing. Ik zie allerlei mogelijkheden rond de spoelbak in de keuken.”

Walter Peteri (48) werkte eerst een paar jaar bij AkzoNobel voordat hij in de zaak van zijn vader en broer stapte. Hij is verantwoordelijk voor de zakelijke kant.

,,Toen Niels begin jaren negentig vroeg of ik ook in het bedrijf wilde komen, dacht ik dat we in een paar jaar goede winstcijfers konden halen, maar dat viel tegen. Het product was lastig verkoopbaar. Consumenten wantrouwden het: niemand kende het. Zou het wel veilig zijn? Was het geen energieslurper? We hebben de markt geheel zelf moeten ontwikkelen. Nu groeit de omzet keihard, we hebben geen last van de crisis. Elk jaar nemen we twintig nieuwe werknemers aan. Alleen op de ontwerpafdeling werken al twintig mensen. Zodra het kon, hebben we alle leningen afbetaald, alles wordt nu met eigen geld gefinancierd. Investeerders willen we niet, we willen onze vrijheid houden.
,,We produceren vrijwel alles in Nederland en verkopen nu in tien landen in Noorwest-Europa. We willen graag uitbreiden richting Azië. Groei is voor ons absolute noodzaak. Met een product dat een pretentie van een afwasmachine heeft – namelijk: zorgen dat je in ieder huishouden terechtkomt – kun je niet klein blijven. Verder wordt de concurrentie steeds groter. Dat is ook een voordeel: onze concurrenten hebben enorm bijgedragen aan de acceptatie van de kokend-water-kraan. En dat helpt ons bij de verkoop.
,,Niels en ik kunnen goed samenwerken omdat we zo complementair zijn. Ik ben van: bezint eer ge begint, Niels is precies andersom, die begint gewoon. Toch denken we over veel dingen hetzelfde. Ons oordeel over sollicitanten bijvoorbeeld loopt nooit ver uiteen.
,,Over opvolging denken we nog niet na, daarvoor zijn onze kinderen nog te jong. Al vraagt een van hen wel regelmatig wat papa aan het doen is.”

Terug naar het overzicht